• Alle modellen
    • C30
    • C70
  • |
    • S40
    • S60
    • S80
  • |
    • V40
    • V50
    • V60
    • V70
  • |
    • XC60
    • XC70
    • XC90
  • Verkoop en  Naverkoop
  • HOME
  • |
  • Over Volvo
  • |
  • Community
  • Volvo verdelers
  • |
  • Financiering
  • |
  • Tweedehands Volvo
  • |
  • Stel uw Volvo samen
  • |
  • Brochure en testrit

SLIMME RIJTIPS

 

 

 

Bij een ongeval

Handige spullen voor in de auto

Niemand wil er graag aan denken ooit bij een ongeval betrokken te raken. Toch zullen de meesten van ons helaas ooit minstens bij een licht ongeval betrokken zijn. Dit kan zelfs de meest voorzichtige en ervaren bestuurders overkomen. Om het voor alle betrokkenen wat makkelijker te maken, neemt u dan ook best altijd de volgende zaken mee in de auto:

- EHBO-set
- Wegwerpfototoestel (of camera-GSM)
- GSM
- Zaklamp
- Deken
- Water
- Papier en balpen
- Reflecterende vest

Wat doen bij een ongeval

- Hoofzaak is dat je nooit de plaats van het ongeval verlaat tot dit kan. Bescherm jezelf en je voertuig tegen verdere schade door de plaats van het ongeval te beveiligen. Zet je waarschuwingsknipperlichten aan en parkeer de wagen indien mogelijk aan de kant van de weg. Waarschuw het verkeer met een gevarendriehoek.
- Vraag meteen medische hulp als er gewonden zijn. Stel slachtoffers gerust en zeg hen dat er hulp onderweg is. Probeer kalm te blijven – paniek kan anderen doen panikeren en de situatie alleen maar erger maken.
- Dien de eerste zorgen toe indien u dat kunt. Verplaats echter geen zwaargewonden omdat dit de letsels kan verergeren.
- Bel indien nodig de politie en informeer ze over het ongeval, waar je je bevindt, hoeveel personen er betrokken zijn, of er gewonden zijn en om welke verwondingen het gaat.
- Maak een schets van het ongeval en vermeld zoveel mogelijk details zoals straatnamen, positie van de voertuigen, remsporen, botspunten, enzovoort. Noteer datum en tijd van het ongeval. Neem indien mogelijk foto's van de schade aan je auto en de plaats van het ongeval.
- Wissel persoonlijke gegevens, telefoonnummers, nummerplaten en verzekeringsgegevens uit met alle betrokken partijen. Vergeet niet ook contactinformatie te vragen aan eventuele getuigen van het ongeval.
- Meld het ongeval aan je verzekeringsmaatschappij.

Volvo Assistance helpt een handje

Volvo Assistance is een service die speciaal is bedoeld om klanten in nood te helpen, 24 uur op 24. Deze service beoogt in de eerste plaats het mobiliseren van de auto, of het probleem nu van mechanische aard is, de sleutels in de auto zijn gesloten of zelfs de brandstoftank leeg is. Eén telefoontje en onze specialisten doen het nodige om je reis zo snel mogelijk te kunnen voortzetten.
Volvo Assistance gaat gepaard met elke nieuwe Volvo en geldt voor een bepaalde duur. Volvo biedt de mogelijkheid om deze periode te verlengen tegen een gunsttarief. In sommige landen is het zelfs gratis begrepen in het Volvo service- en onderhoudsprogramma. Duur en dekking van Volvo Assistance kunnen verschillen van land tot land. Raadpleeg de lokale website voor meer informatie over Volvo Assistance.

 

Lange ritten

Enige voorbereiding kan je veel ergernis, tijd en geld besparen

Besteed voor je vertrek wat aandacht aan je auto. Een moderne auto vergt behalve een normale service niet veel voorbereiding op een lange reis maar toch moet men op enkele zaken letten:

- Controleer of je auto regelmatig is onderhouden. Is hij binnenkort toe aan een servicebeurt, laat die dan nog uitvoeren voor je vertrek.
- Controleer de banden (met inbegrip van het reservewiel) op overdreven of ongelijkmatige slijtage, spanning en profieldiepte.
- Controleer de wisserbladen op slijtage en beschadiging. Vervang ze indien nodig.
- Controleer het peil van alle vloeistoffen: motorkoelvloeistof, motorolie, remvloeistof, transmissievloeistof, sproeivloeistof en elektrolyt.
- Controleer de koplampen, achterlichten, remlichten en richtingaanwijzers en ga na of ze goed werken. Vergeet niet de lichten schoon te houden.
- Neem een reservesleutel mee voor het geval de contactsleutel verloren of ingesloten raakt.
- Stapel kaarten in de volgorde waarin ze zullen worden gebruikt.
- Zorg ervoor dat je het telefoonnummer van Volvo Assistance bij de hand hebt in de auto.
- Normaal hoef je geen reserve-onderdelen mee te nemen maar een EHBO-set, een zaklamp, wat reservelampjes en –zekeringen, een jerrycan en wat water kunnen altijd van pas komen.
- Uiteraard is een GSM in geval van nood nog het meest nuttige hulpmiddel.

Hou kinderen onderweg happy en tevreden

Hoewel reizen met kinderen heel leuk is, weten we allemaal dat kinderen tijdens lange ritten soms rusteloos en lastig kunnen zijn. Met wat planning en slim pakken kan de reis echter een stuk prettiger en boeiender zijn voor iedereen.
Het komt erop aan om iedereen tijdens de rit bezig te houden. Is men het beu om naar de radio te luisteren of boeken te lezen, dan kunnen autospelletjes uitkomst bieden. Hieronder vind je enkele tips om kids onderweg happy en bezig te houden:

- Neem veel snacks, zoals vers fruit, koekjes, doosjes fruitsap met een rietje en ander lekkers mee. Bewaar frisdrank in een kleine koelbox of thermotas.
- Luister naar verhalen op de autoradio of neem individuele CD- of MP3-spelers mee voor de kinderen.
- Neem ook potloden, boeken, speelgoed, speelsets en gametoestellen mee. Met een DVD-speler of laptop wordt je auto een rijdende bioscoop. Hou er wel rekening mee dat sommige kinderen wagenziek kunnen worden door achterin de auto boeken te lezen of films te bekijken.
- Neem wat snoep en verrassingen mee – iets kleins dat je achter de hand houdt voor "noodgevallen".
- Monteer zonneschermen op de ruiten zodat het bij warm weer koel blijft in de auto.
- Neem hoofdkussens en dekentjes mee.
- Een doos vochtige doekjes of papieren servetten is handig om snel wat op te ruimen.
Bewaar altijd een EHBO-set in de auto. Pleisters, een schaar en een pincet kunnen bijzonder handig zijn.
- Praat! Eindelijk kan je eens uren praten. Stel vragen aan de kinderen en luister naar hen. Je kan ook een quiz of autospelletjes spelen.
- Stop elk uur voor een rustpauze. Neem een frisbee of een bal mee zodat de kinderen ondertussen wat kunnen spelen en hun benen strekken.

Neem tijd om te rusten

Volgens het Zweedse Ministerie van Verkeer is 20 à 30 procent van alle ongevallen te wijten aan vermoeidheid bij de bestuurder. Tests in simulatoren tonen aan dat de rijvaardigheid omstreeks 5 h 's ochtends even slecht is als met 0,8 promille alcohol in het bloed. Eén van de voordelen van reizen met de auto is echter dat je even kan stoppen en uitstappen. De benen strekken. En eventueel van bestuurder wisselen. En onthoud dat er maar één middel tegen slaperigheid en vermoeidheid bestaat – een dutje.
Nuttige tips

Plan minstens om de twee uur een rustpauze. Bestuurders die niet gewend zijn om lange afstanden af te leggen, moeten vaker stoppen.
Het risico om in slaap te vallen is het grootst op de uren die men normaal slaapt – vooral wanneer het donker is. Rij je 's nachts, vergeet dan niet dat stilte of trage muziek beluisteren het adrenalinepeil kan doen zakken en je nog slaperiger kan maken. Blijf praten of luister naar opgewekte muziek.
De meeste mensen zijn na een maaltijd wat slaperig. Beperk dit risico door zware maaltijden te vermijden of een dutje te doen vooraleer door te rijden.
Neem altijd een rustpauze wanneer je je moe of slaperig voelt, maar doe dit wel steeds op een veilige plek. Drukke en goed verlichte tankstations zijn ideaal voor een korte rustpauze.
Rek je uit en neem wat beweging tijdens een rustpauze om alert te blijven en de bloedcirculatie te bevorderen. Beweeg het bovenlichaam heen en weer en slinger met de armen; plaats je kin op je borst en druk het hoofd voorzichtig omlaag; beweeg je schouders op en neer om de spanning te verminderen.Als je auto ten slotte is uitgerust met cruise control, gebruik die dan tijdens lange ritten om brandstof te sparen en het rijcomfort te verhogen. Voortdurend versnellen en vertragen is vermoeiend en doet het brandstofverbruik stijgen. Vergeet echter niet dat langdurig gebruik van de cruise control de alertheid kan doen afnemen en je slaperig kan maken.

Neem tijd om te rusten

Volgens het Zweedse Ministerie van Verkeer is 20 à 30 procent van alle ongevallen te wijten aan vermoeidheid bij de bestuurder. Tests in simulatoren tonen aan dat de rijvaardigheid omstreeks 5 h 's ochtends even slecht is als met 0,8 promille alcohol in het bloed. Eén van de voordelen van reizen met de auto is echter dat je even kan stoppen en uitstappen. De benen strekken. En eventueel van bestuurder wisselen. En onthoud dat er maar één middel tegen slaperigheid en vermoeidheid bestaat – een dutje.

Nuttige tips:
- Plan minstens om de twee uur een rustpauze. Bestuurders die niet gewend zijn om lange afstanden af te leggen, moeten vaker stoppen.
- Het risico om in slaap te vallen is het grootst op de uren die men normaal slaapt – vooral wanneer het donker is. Rij je 's nachts, vergeet dan niet dat stilte of trage muziek beluisteren het adrenalinepeil kan doen zakken en je nog slaperiger kan maken. Blijf praten of luister naar opgewekte muziek.
- De meeste mensen zijn na een maaltijd wat slaperig. Beperk dit risico door zware maaltijden te vermijden of een dutje te doen vooraleer door te rijden.
- Neem altijd een rustpauze wanneer je je moe of slaperig voelt, maar doe dit wel steeds op een veilige plek. Drukke en goed verlichte tankstations zijn ideaal voor een korte rustpauze.
- Rek je uit en neem wat beweging tijdens een rustpauze om alert te blijven en de bloedcirculatie te bevorderen. Beweeg het bovenlichaam heen en weer en slinger met de armen; plaats je kin op je borst en druk het hoofd voorzichtig omlaag; beweeg je schouders op en neer om de spanning te verminderen.
- Als je auto ten slotte is uitgerust met cruise control, gebruik die dan tijdens lange ritten om brandstof te sparen en het rijcomfort te verhogen. Voortdurend versnellen en vertragen is vermoeiend en doet het brandstofverbruik stijgen. Vergeet echter niet dat langdurig gebruik van de cruise control de alertheid kan doen afnemen en je slaperig kan maken.

Eten onderweg

Eén van de geneugten van picknicken is dat je zelf een mooi plekje kan kiezen om lekker te eten, ver van de drukte en fast-food restaurants. Zoek een park, meer of vakantiedomein met een speeltuin en open ruimten waar kinderen zich kunnen uitleven. Wees creatief – door landelijke of andere alternatieve wegen te nemen, komt men soms fantastisch mooie plekjes en onvoorziene verrassingen tegen.

Nuttige tips:
- Om geld te besparen en ongewenste stops te vermijden, neem je best voldoende snacks mee in de auto.
- Tassen met drankjes, snacks en vers fruit (en ook papieren zakdoeken, vuilnisbakjes, bekers en andere accessoires) moeten worden meegevoerd op een plaats die vlot bereikbaar is voor volwassenen of oudere kinderen.
- Een goed idee is verder ook sinaasappelen vooraf te pellen en snacks vooraf klaar te maken om spatten en vlekken te voorkomen.
- Water is gezonder dan veel frisdrank. Van water zullen kinderen ook niet meer drinken dan nodig (nog een manier om het aantal stops te beperken), het kleeft niet wanneer het wordt gemorst en maakt evenmin vlekken.
- Denk eraan dat zware maaltijden je slaperig of ongemakkelijk doen voelen.
- Regelmatig kleine hoeveelheden eten houden de bloedsuikerspiegel stabiel en voorkomen wagenziekte.
- Vermijd grote doses cafeïne. Als een bestuurder cafeïne nodig heeft om wakker te blijven, is het tijd om van bestuurder te wisselen of even te rusten.
- Voorbeelden van goeie snacks voor onderweg zijn bananen, druiven, appels, crackers, repen, broodjes, rijstkoeken, ongezouten pretzels, tortilla chips, wortels, water en fruitsap, rozijnen en yoghurt. Vermijd chocolade en andere producten die makkelijk smelten.

Hoe wagenziekte behandelen en voorkomen

Wagenziekte wordt veroorzaakt door de hersenen die tegenstrijdige informatie ontvangen. De ogen melden de positie van het lichaam terwijl de evenwichtsorganen van het binnenoor het tegenovergestelde melden. Moet je braken, ga dan vochtverlies tegen door koud, plat water met kleine teugjes te drinken en langzaam en diep door de mond te ademen.

Nuttige tips:
- Rij zelf indien mogelijk. Passagiers lopen meer kans op wagenziekte dan bestuurders.
- Neem als passagiers bij voorkeur plaats voorin de auto zodat je de weg kan zien. Probeer niet omlaag of naar iets dichtbij te kijken zoals bijvoorbeeld een boek of kaart. Kijk veeleer naar de omgeving zodat je ogen de bewegingsinformatie afkomstig van het binnenoor bevestigen.
- Zorg voor een goede ventilatie in de auto. Stop regelmatig onderweg.
- Eet en drink vaak kleine hoeveelheden. Vermijd zware maaltijden en alcohol onderweg.
- Hou je hoofd stil. Door het hoofd bewegen kunnen de symptomen verergeren.
- De bestuurder kan het wagenzieke passagiers aangenamer maken door soepel te rijden. Neem voorzichtig bochten en vermijd hard en herhaaldelijk remmen en accelereren.
- Gebruik een middel of polsband tegen wagenziekte uit de apotheek. Geneesmiddelen moeten voor het vertrek worden ingenomen zodat ze door het lichaam kunnen worden geabsorbeerd.
 

De auto laden

Je hebt gekozen voor een Volvo, een auto die bijzonder veel laadmogelijkheden biedt. Of je nu zaken in of op de auto meevoert, de lading moet steeds goed worden aangebracht en vastgemaakt. Met de transport- en bevestigingsaccessoires van Volvo kan de lading op een handige en veilige manier worden getransporteerd.

Laadvermogen
Het laadvermogen van je auto is het extra gewicht dat mag worden meegevoerd, d.w.z. het totale gewicht van passagiers, lading en eventueel gemonteerde accessoires. Wanneer dit gewicht wordt overschreden, kunnen de banden oververhit raken en kan het sturen en remmen worden bemoeilijkt. Controleer het laadvermogen in de gebruikershandleiding of op het kenplaatje vóór het laden.

Remafstand
Vergeet niet dat de remafstand van een zwaar beladen voertuig toeneemt en dat je dus meer plaats nodig hebt om te stoppen en ook om in te halen. Vergeet evenmin dat bij zware belading ook de motor meer wordt belast en het verbruik dus toeneemt. Voer zo weinig mogelijk mee om zoveel mogelijk brandstof te sparen.

Bandenspanning
Controleer de bandenspanning bij extra belading. Om lange afstanden af te leggen met een zwaar beladen auto, vooral tegen hoge snelheid, moet de bandenspanning worden verhoogd. Raadpleeg de gebruikershandleiding voor de juiste bandenspanning.

Koplampen
Is je auto voorzien van een koplampregeling, dan moeten de koplampen iets naar beneden worden afgesteld bij het transporteren van een zware lading in de bagageruimte. De auto kan dan immers "steigeren" waardoor tegenliggers mogelijk worden verblind door de koplampen.

Veilig rijden

VEILIGHEIDSTIPS

Als bestuurder moet men er steeds alles aan doen om de veiligheid van zichzelf, eventuele passagiers en alle andere weggebruikers te verzekeren. Dit houdt bijvoorbeeld in dat men niet drinkt en rijdt, en erop toeziet dat alle inzittenden de gordel dragen, hoe kort de rit ook is. En tenslotte is een perfect zicht van cruciaal belang. Hou de voorruit schoon en vervang de wisserbladen zodra ze strepen achterlaten op het glas. Nuttige tips voor onderweg:

Gebruik je zintuigen
Kijk goed rond. Kijk vooruit zodat je weet wat eraan komt. Hou ook de weg achter de auto in het oog via de binnen- en buitenspiegels. Plan het veranderen van rijvak enkele auto's vooruit zodat er ruim voldoende tijd is om in te voegen.
Telefoneer alleen wanneer dat veilig is
Het belangrijkste wat men kan doen om een ongeval te voorkomen, is afleiding vermijden en steeds de aandacht bij de weg te houden. Wacht tot het veilig is om te telefoneren.

Blijf wakker
Rij niet wanneer je moe bent. Autorijden is vaak monotoon, vooral op autosnelwegen, en dat kan leiden tot extreme slaperigheid of zgn. highway-hypnose. Neemt je concentratie af, moet je vaak geeuwen of ben je moe, hou dan even halt en rust wat.

Hou voldoende afstand
Kijk wanneer de voorligger een bepaald punt passeert en tel dan drie seconden. Wanneer je hetzelfde punt passeert voor je tot drie hebt kunnen tellen, dan hou je te weinig afstand. Deze vuistregel varieert uiteraard volgens de weers- en rijomstandigheden.

Pas je rijstijl aan
Door trager te rijden, wordt het raakvlak tussen band en weg groter, wat dan weer meer grip geeft op nat of besneeuwd wegdek. Probeer in de sporen van voorliggers te rijden. Ondervind je aquaplaning, ga dan niet bruusk sturen noch remmen om slippen te voorkomen. Minder voorzichtig gas zodat de auto vertraagt en de banden weer grip krijgen.


VEILIGHEIDSGORDEL

De driepuntsveiligheidsgordel is ontworpen om over die lichaamsdelen te lopen die het sterkst zijn en dus het best bestand zijn tegen de botskrachten.
Voor een maximale crashveiligheid is het belangrijk dat de veiligheidsgordel goed zit – het heupgedeelte strak over de heupen en het schoudergedeelte strak over de borst.
Vaak voorkomende fouten:
- het heupgedeelte over de buik in plaats van laag over de heupen
- het schoudergedeelte onder de arm
- achter de rug of in een andere verkeerde positie
- heup- of schoudergedeelte zit niet strak
Verkeerd gedragen veiligheidsgordels kunnen ernstige of zelfs dodelijke letsels veroorzaken.

KINDEREN MEEVOEREN

Bij een ongeval lopen kinderen meer gevaar om gewond te raken omdat hun proporties en lichaamsbouw sterk verschillen van die van volwassenen. Hun nek is minder sterk en hun hoofd is groter en zwaarder in verhouding tot hun lichaam. Om een kind veilig te laten meerijden, moet het altijd worden beschermd door een goedgekeurd veiligheidssysteem en moeten de instructies van de fabrikant stipt worden gevolgd.
Er zijn in hoofdzaak drie verschillende soorten kinderveiligheidssystemen: babyzitjes, kinderzitjes en veiligheidskussens. Kies het systeem volgens leeftijd en grootte van het kind. Stop ook nooit te vroeg met het gebruik van een aangepast kinderveiligheidssysteem – dit gebeurt wel vaker en de gevolgen van dit soort nalatigheid blijken duidelijk uit de ongevalstatistieken. Volvo raadt het gebruik van een kinderveiligheidssysteem aan voor alle kinderen met een lichaamslengte van minder dan 140 cm. Vergeet ook niet dat kinderen veiliger tegen de rijrichting in zitten en bijgevolg raden wij aan dat kinderen tot de leeftijd van vier altijd meerijden in een naar achteren bericht kinderzitje met veiligheidsharnas.

Tips en aanbevelingen

Een kinderzitje mag nooit worden gebruikt op de voorpassagiersstoel van een voertuig dat is uitgerust met een passagiersairbag. Dit is uitermate belangrijk. Volvo raadt aan dat alle inzittenden met een lichaamslengte van minder dan 140 cm achterin meerijden in een voertuig dat is uitgerust met een passagiersairbag.
Hou nooit kinderen in de armen of tussen de veiligheidsgordel en je lichaam, hoe kort de rit ook is. Bij een ongeval zal het kind onder je gewicht worden verpletterd. Het kind kan zich ook kwetsen door tegen het interieur te stoten of uit de auto worden geslingerd. Gebruik geen veiligheidssysteem dat een ongeval heeft doorstaan. Laat kinderen nooit gordelsloten losmaken of er onderuit klauteren. Gebruik geen gewoon kussen in plaats van een veiligheidskussen. Bij een ongeval kan dit worden weggeslingerd en het kind onder de gordel door schuiven.


HUISDIEREN MEEVOEREN

Huisdieren meenemen op vakantie is vaak heel leuk. Maar voor je op reis vertrekt, moet je toch even aan het comfort en welzijn van je huisdier denken. Misschien is het beter af in een dierenhotel of bij een goede vriend? Beslis je echter om je huisdier toch mee te nemen op reis, dan kan je het veilig mee laten rijden door enkele eenvoudige voorzorgsmaatregelen te nemen.

  • Maak je huisdier goed vast. Huisdieren die los in de auto zitten, kunnen bij een noodstop gewond raken en de bestuurder afleiden. Kleine huisdieren kunnen zelfs onder de pedalen sukkelen en zo het risico op een ongeval vergroten.

  • Poezen en kleine honden moeten meerijden in een goed geventileerde kooi met vaste zijwanden. Voor grotere huisdieren zijn harnassen en veiligheidsnetten of kooien voor breaks verkrijgbaar.

  • Laat een huisdier nooit met de kop uit het raam hangen. Vuil kan ogen en neus verwonden en door al te koude lucht in te ademen is er risico op een longaandoening.

  • Laat nooit je huisdier achter in de auto. Parkeren in de schaduw of de zijruiten wat open laten staan is niet voldoende – de auto wordt sneller een dodelijke val dan je denkt.

  • Vergeet niet dat ook dieren last kunnen hebben van wagenziekte. Raadpleeg je dierenarts voor advies.


 




 

Ecorijden

Ecorijden is een eenvoudige manier om brandstof te sparen en de emissie te beperken. De motor van een moderne Volvo heeft een minimale interne frictie, wat het brandstofverbruik helpt drukken. Met de volgende eenvoudige tips kan het verbruik met 5-15% worden beperkt.

Wegrijden
Stel dat je voor de verkeerslichten staat en het groen wordt. Accelereer snel maar trap het gaspedaal niet meer dan halfweg in want accelereren kan veel brandstof kosten. Schakel zo snel mogelijk op. Schakel op bij maximum 3000 t/min met een LPG- of benzinewagen en bij maximum 2000 t/min met een diesel. Ook van eerste direct naar derde schakelen is heel effectief. Een moderne Volvo-motor werkt efficiënter bij zware belasting.

Rijden met constante snelheid
Het komt erop aan om in een zo hoog mogelijke versnelling te rijden met een constante snelheid. Jouw Volvo heeft een zeer lage interne frictie en een lage luchtweerstand. Om een constante snelheid van 50 km/h aan te houden, is slechts zo'n 5 kW nodig. Probeer onnodig accelereren en remmen te vermijden. Dit gaat makkelijker door anticiperend te rijden en zo ver mogelijk vooruit te kijken. Ook het gebruik van de cruise control op autosnelwegen draagt bij tot vlot rijden.

Vertraag geleidelijk
Door te remmen gaat telkens energie verloren - bedenk maar eens hoe warm de remmen kunnen worden. Probeer de kinetische energie zoveel mogelijk te benutten. Rem op de motor bij het naderen van een rood licht. Het motormanagement van je Volvo onderbreekt de brandstoftoevoer bij het remmen op de motor. Hierdoor slijten de remmen niet alleen minder, ook de emissie wordt beperkt en het rijcomfort neemt toe.
 

Volvo op:
Deel: