Bediening - overig

Elektrisch bediende ruiten

Bijgewerkt 7/23/2018

Vanaf het bedieningspaneel van het bestuurdersportier zijn alle elektrisch bediende ruiten te bedienen. Vanaf de bedieningspanelen van de overige portieren zijn alleen de ruiten van het desbetreffende portier te bedienen.

P3-1020-S60/V60/V60H Power windows

Bedieningspaneel op bestuurdersportier.

Elektrisch kinderslot dat voorkomt dat kinderen de achterportieren vanaf de binnenzijde kunnen open* en de portierruiten achter kunnen openen/sluiten, zie Kinderslot - elektrische activering.
Bedieningsknoppen voor achterste zijruiten
Bedieningsknoppen voor voorste zijruiten

Waarschuwing

Let er bij het sluiten van de ruiten vanaf het bestuurdersportier op dat kinderen en/of andere inzittenden niet bekneld kunnen raken.

Waarschuwing

Let erop dat kinderen of andere passagiers niet bekneld raken, wanneer/als u de ruiten sluit met behulp van de transpondersleutel.

Waarschuwing

Als er kinderen in de auto aanwezig zijn, moet altijd de stroom naar de elektrisch bedienbare ruiten worden onderbroken door te kiezen voor sleutelstand 0 en vervolgens de transpondersleutel mee te nemen uit de auto. Voor informatie over sleutelstanden, zie contactslotstanden - functies in verschillende standen.

Bediening

P3-S60/V60/V60H Power window operating

Bedieningsknoppen elektrisch bediende zijruiten.

Handmatige bediening
Automatische bediening

Vanaf het bedieningspaneel van het bestuurdersportier zijn alle elektrisch bediende ruiten te bedienen - vanaf de bedieningspanelen van de overige portieren zijn alleen de ruiten van de desbetreffende portieren te bedienen. Er kan slechts één bedieningspaneel tegelijk worden bediend.

Om de elektrisch bediende ruiten te kunnen gebruiken moet de contactslotstand minimaal I zijn - zie contactslotstanden - functies in verschillende standen. Bij uitschakeling van de motor zijn de elektrisch bediende ruiten na uitname van de transpondersleutel nog enkele minuten te bedienen, maar niet nadat er een portier is geopend.

De ruiten komen tot stilstand en worden geopend, als ze tijdens het sluiten in hun beweging worden gehinderd. Wanneer sluiten onmogelijk is door bijvoorbeeld ijsvorming, kan de inklembeveiliging worden opgeheven. Wanneer de zijruiten tweemaal achtereen niet konden worden gesloten, wordt de inklembeveiliging korte tijd gedeactiveerd. Sluiten is daarna mogelijk door de bedieningsknop omhoog te trekken en vast te houden.

Let op

Om het pulserende windgeluid te verminderen als de beide achterruiten open staan, kunt u de voorste ruiten ook een stukje openen.

Handmatige bediening

Trek voorzichtig een van de bedieningsknoppen omhoog of duw er een omlaag. De elektrisch bediende zijruiten komen steeds verder omhoog of omlaag zolang u de bedieningsknop bedient.

Automatische bediening

Trek een van de bedieningsknoppen omhoog of duw er een omlaag en laat deze vervolgens los. De bijbehorende zijruit gaat automatisch volledig open of dicht.

Bedienen met transpondersleutel of knop voor centrale vergrendeling

Om de elektrisch bedienbare zijruiten vanaf de buitenzijde te bedienen met de transpondersleutel of vanaf de binnenzijde met de knop voor centrale vergrendeling, zie Transpondersleutel - functies of Vergrendelen/ontgrendelen - van de binnenzijde.

Resetten

Als de accu losgekoppeld is geweest, werkt de automatische openingsfunctie pas weer naar behoren wanneer u deze hebt gereset.

Trek de knop aan de voorkant omhoog om de ruit helemaal te sluiten en houd de knop een seconde in deze stand vast.

Laat de knop korte tijd los.

Trek de voorkant van de knop opnieuw een seconde omhoog.

Waarschuwing

Resetten is nodig om de beveiliging tegen overbelasting te laten werken.


Was dit nuttig?