Safelock-functie*

Bij activering van de Safelock-functie1 worden alle openingshandgrepen mechanisch losgekoppeld, wat het openen van de portieren van de binnenzijde onmogelijk maakt.

Met de transpondersleutel activeert u de Safelock-functie die ca. tien seconden na vergrendeling van de portieren in werking treedt.

 N.b.

Als er binnen deze vertragingsperiode een van de portieren wordt geopend, wordt de functie geannuleerd en het alarm gedeactiveerd.

De auto is alleen te ontgrendelen met de transpondersleutel, wanneer de Safelock-functie geactiveerd is. Het linker voorportier is ook te ontgrendelen met het afneembare sleutelblad.

 Waarschuwing

Laat niemand in de auto zitten zonder eerst de Safelock-functie te deactiveren om te voorkomen dat u iemand opsluit.

Tijdelijk deactiveren

P4-1420-Center Console regarding My Car
Geactiveerde menu-opties staan aangekruist.
  1. Ikon röd cirkel 1MY CAR
  2. Ikon röd cirkel 2 OK MENU
  3. Ikon röd cirkel 3Draaiknop TUNE
  4. Ikon röd cirkel 4EXIT

Als u de portieren van de buitenzijde wilt vergrendelen terwijl er iemand in de auto achterblijft, kunt u de Safelock-functie tijdelijk uitschakelen in het menusysteem MY CAR. Voor een gedetailleerde beschrijving van het menusysteem, zie MY CAR.

In MY CAR hebt u de keuze uit een van de volgende opties:

  • Eén keer activeren: - Bij vergrendeling van de auto verschijnt op het instrumentenpaneel de melding Sloten en alarm Beveiliging beperkt en de Safelock-functie wordt alleen deze keer uitgeschakeld. (Let erop dat ook de bewegingsmelders en niveausensoren* van het alarmsysteem worden uitgeschakeld.)

De volgende keer dat u de motor start, wordt het systeem gereset waarna op het instrumentenpaneel de melding Sloten en alarm Beveiliging volledig verschijnt. Daarmee zijn de Safelock-functie en de bewegingsmelders en niveausensoren van het alarmsysteem opnieuw ingeschakeld.

  • Vragen bij uitstappen: - Iedere keer dat u de motor afzet moet u de vraag Lagere beveiliging activeren tot motor opnieuw is gestart? beantwoorden.
Als u de Safelock-functie wilt uitschakelen
Druk op OK/MENU en vergrendel de auto. (Let erop dat ook de bewegingsmelders en niveausensoren* van het alarmsysteem worden uitgeschakeld.)
De volgende keer dat u de motor start, wordt het systeem gereset waarna op het instrumentenpaneel de melding Sloten en alarm Beveiliging volledig verschijnt. Daarmee zijn de Safelock-functie en de bewegingsmelders en niveausensoren van het alarmsysteem opnieuw ingeschakeld.
Als u geen wijzigingen in het vergrendelingssysteem wenst
Druk op EXIT en vergrendel de auto.

 N.b.

  • Let erop dat het alarm wordt geactiveerd bij vergrendeling van de auto.
  • Als een van de portieren van de binnenzijde wordt geopend, gaat het alarm af.

Bovenstaande geldt als de geblokkeerde vergrendelingsstand niet tijdelijk is gedeactiveerd.

  1. * Optie/accessoire.
  2. 1 Alleen in combinatie met een alarmsysteem.