Remmen

Bedrijfsrem

Bijgewerkt 7/23/2018

U gebruikt het rempedaal om de rijsnelheid te verlagen.

De auto is om veiligheidsredenen uitgerust met twee remkringen.

De druk die u uitoefent op het rempedaal wordt versterkt door de rembekrachtiging.

Waarschuwing

De rembekrachtiging werkt pas nadat de motor is gestart, zie Motor starten.

Bij gebruik van het rempedaal bij een stroomloze auto met de elektromotor en verbrandingsmotor afgezet (zoals tijdens het slepen) is de pedaalweg iets langer en moet u het pedaal harder intrappen om de auto te remmen.

Bij auto's met de functie Hellingrem (HSA)* veert het rempedaal langzamer dan normaal terug in de uitgangspositie, als de auto op een helling of ongelijkmatige ondergrond geparkeerd staat.

In bergachtig gebied of tijdens ritten met een zware belading kunt u de remmen ontzien door op de motor af te remmen. U benut de remmende werking van de motor het best, wanneer u tijdens het afdalen dezelfde versnelling inschakelt als bij het oprijden van een helling.

Voor meer algemene informatie over een zware belasting van de auto, zie Motorolie - ongunstige rijomstandigheden.

Functietest tijdens motorstart

De auto is uitgerust met een "brake by wire"-remsysteem. Na elke motorstart wordt een automatische functietest van het remsysteem uitgevoerd als u het rempedaal bedient om de keuzehendel uit de P-stand te halen, zie Automatische versnellingsbak - Geartronic. In verband met de functietest kan het bestuurdersdisplay in bepaalde gevallen een melding en een symbool tonen, zie het voorbeeld in de tabel achter in deze paragraaf.

Let op

Tijdens een functietest is de pedaalweg iets groter dan bij normaal remmen.

Licht afremmen - oplading hybride-accu

Bij licht remmen wordt op de elektromotor afgeremd. De bewegingsenergie van de auto wordt dan omgezet in elektrische energie om de hybride-accu mee op te laden. Een animatie op het bestuurdersdisplay geeft aan wanneer de accu wordt opgeladen via terugwinning van remenergie.

De terugwinning vindt plaats bij snelheden tussen 150–5 km/h(93–3 mph) – bij krachtig remmen en bij snelheden buiten het gespecificeerde interval wordt ook het hydraulische remsysteem ingeschakeld.

Remmen op natte wegen

Als langere tijd wordt gereden bij harde regen en zonder te remmen, kan bij de eerste keer remmen het remvermogen wat zijn verminderd. Dit kan ook het geval zijn na het wassen van de auto. In dat geval is het noodzakelijk het rempedaal verder in te trappen. Houd om die reden meer afstand aan tot uw voorligger.

Rem hard met de auto na op natte wegen te hebben gereden of het wassen van de auto. De remschijven warmen dan op, drogen sneller en zijn beschermd tegen corrosie. Houd bij het remmen rekening met de actuele verkeerssituatie.

Remmen op met zout gestrooide wegen

Bij ritten op wegen waar zout is gestrooid, kan zich een zoutlaag op de remschrijven en remvoering afzetten. Dit kan de remweg verlengen. Houd daarom extra veel afstand aan tot uw voorligger. Let ook op dat u:

  • Af en toe remt om eventuele zoutafzetting te verwijderen. Let op dat u andere verkeersdeelnemers niet in gevaar brengt bij het remmen.
  • Trap het rempedaal na de rit en voordat u de volgende rit begint voorzichtig in.

Onderhoud

Om de verkeersveiligheid, bedrijfszekerheid en betrouwbaarheid van de auto op een hoog peil te houden, dient u de service-intervallen van Volvo aan te houden zoals omschreven in het Service- en garantieboekje.

De remwerking van nieuwe en vervangen remblokken en remschijven is pas optimaal als ze na een paar honderd kilometer rijden zijn "ingesleten". Compenseer de verminderde remwerking door harder op het rempedaal te trappen. Volvo raadt aan om alleen remvoeringen te monteren die zijn goedgekeurd voor uw Volvo.

Belangrijk

De onderdelen van het remsystemen moeten regelmatig op slijtage worden gecontroleerd.

Informeer bij een werkplaats hoe dat in zijn werk gaat of laat de controle over aan de werkplaats – geadviseerd wordt een erkende Volvo-werkplaats.

Symbolen en meldingen

Symbool

Melding

Betekenis/Maatregel

Brandt continu – controleer het remvloeistofpeil. Vul remvloeistof bij als het peil te laag ligt en controleer tevens de oorzaak van het remvloeistofverlies.

Brandt tijdens het starten van de motor 2 seconden continu - automatische functietest.

Rempedaal bedienen om auto uit stand P te halen

U trapt het rempedaal niet ver genoeg in.

  • Trap het pedaal verder in.

Eigenschappen rempedaal gewijzigd Service vereist

Kan verschijnen bij strenge vorst of als de keuzehendel uit stand P is gehaald, terwijl het rempedaal niet ver genoeg werd ingetrapt.

  • Zet de motor af met een druk op de knop START/STOP ENGINE – voer een nieuwe motorstart uit en trap het rempedaal in.

Als de foutmelding aanhoudt: Neem contact op met een werkplaats – geadviseerd wordt een erkende Volvo-werkplaats.

Waarschuwing

Als en tegelijk branden, kan er een storing in het remsysteem zijn ontstaan.

Als het niveau in het remvloeistofreservoir in dat geval normaal is, moet u voorzichtig naar de dichtstbijzijnde werkplaats rijden om het remsysteem te laten controleren - geadviseerd wordt een erkende Volvo-werkplaats.

Als de remvloeistof onder het MIN-niveau in het remvloeistofreservoir ligt, mag u pas verder rijden als de remvloeistof is bijgevuld.

De oorzaak van het remvloeistofverlies moet worden gecontroleerd.


Was dit nuttig?