Parkeerrem activeren en deactiveren

Gebruik de parkeerrem om te voorkomen dat een stilstaande auto kan wegrollen.

Parkeerrem activeren

P5-1717-ALL-Parking brake activate
Trek de knop omhoog.
Het symbool op het bestuurdersdisplay gaat branden wanneer de parkeerrem is geactiveerd.
Controleer of de auto daadwerkelijk stilstaat.

Symbool op bestuurdersdisplay

SymboolBetekenis
P5-1507 Symbol Park brake

Het symbool brandt wanneer de parkeerrem is geactiveerd.

Als het symbool knippert, betekent dit dat er ergens een storing is opgetreden. Lees de melding op het bestuurdersdisplay.

Automatische activering

De parkeerrem wordt automatisch geactiveerd:

  • als de functie Auto Hold (automatische rem bij stilstand) is geactiveerd en de auto enige tijd (5–10 minuten) stilgestaan heeft.
  • wanneer u schakelstand P kiest op een steile helling.
  • wanneer u de auto hebt uitgeschakeld en de instelling voor automatische activering van de parkeerrem geactiveerd is op het middendisplay.

Noodrem

In noodgevallen kunt u de parkeerrem ook tijdens het rijden activeren door de knop uit te trekken en vast te houden. Bij het loslaten van de handgreep of het bedienen van het gaspedaal wordt de rem uitgeschakeld.

 Let op

Bij activeren van de noodrem bij hogere snelheden klinkt er tijdens het remmen een signaal.

Parkeerrem deactiveren

P5-1717-ALL-Parking brake release

Handmatig deactiveren

Trap het rempedaal stevig in.
Druk de knop in.
De parkeerrem wordt gelost en het symbool op het bestuurdersdisplay dooft.

Automatisch deactiveren

Doe de veiligheidsgordel om.
Trap het rempedaal stevig in.
Start de motor.

Kies de schakelstand D of R en geef gas.

De parkeerrem wordt gelost en het symbool op het bestuurdersdisplay dooft.

 Let op

Bij de eerste start van de auto kan de parkeerrem eraf worden gehaald zonder dat de bestuurder de veiligheidsgordel om heeft.