Elektrisch bedienbare ruiten

Via het bedieningspaneel op het bestuurdersportier zijn alle ruiten te bedienen – via het bedieningspaneel op de overige portieren is alleen de ruit in het desbetreffende portier te bedienen.

De elektrisch bedienbare ruiten zijn voorzien van een inklembeveiliging. Bij problemen met de inklembeveiliging kunt u een resetprocedure proberen.

 Waarschuwing

Kinderen, andere passagiers of voorwerpen kunnen bekneld raken door bewegende delen.

  • Let altijd op bij bediening van ruiten.
  • Laat kinderen niet met de bedieningselementen spelen.
  • Laat kinderen nooit alleen achter in de auto.
  • Onderbreek altijd de stroom voor de ruitbediening door het elektrische systeem van de auto in contactslotstand 0 te zetten en neem vervolgens de transpondersleutel mee uit de auto.
  • Steek geen voorwerpen of lichaamsdelen via de ruiten naar buiten, ook al is het elektrische systeem van de auto volledig uitgeschakeld.
P5-1507 Driver's door control panel - operating
Bedieningsknoppen elektrisch bedienbare ruiten.
  1. P5-Icon red arrow 1Handmatige bediening. Trek voorzichtig een van de bedieningsknoppen omhoog of duw er een omlaag. De elektrisch bedienbare ruiten komen steeds verder omhoog of omlaag zolang u de bedieningsknop bedient.
  2. P5-Icon red arrow 2Automatische bediening. Trek een van de bedieningsknoppen omhoog of duw er een omlaag en laat deze vervolgens los. De desbetreffende zijruit gaat automatisch volledig open of dicht.

Voor het gebruik van de elektrisch bedienbare ruiten moet de contactslotstand I of II zijn. Bij uitschakeling van de auto zijn de elektrisch bedienbare ruiten nadat het contact is uitgeschakeld nog enkele minuten te bedienen, maar niet nadat een portier is geopend. Bediening is alleen mogelijk via één knop tegelijk.

Bediening is tevens mogelijk met behulp van de transpondersleutel of passieve opening* via de portiergreep.

 Waarschuwing

Let erop dat kinderen of andere inzittenden niet bekneld raken, wanneer u alle ruiten tegelijkertijd sluit via de transpondersleutel of de functie passief openen* met de portiergreep.

 N.b.

Om het pulserende windgeluid te verminderen als de beide achterruiten open staan, kunt u de voorste ruiten ook een stukje openen.

 N.b.

Bij snelheden hoger dan zo'n 180 km/h (112 mph) zijn de zijruiten niet te openen, maar wel te sluiten.

Als bestuurder bent u altijd gehouden aan de geldende verkeersregels.

 N.b.

De ruiten zijn bij lage temperaturen mogelijk niet te bedienen.
  1. * Optie/accessoire.